De meimaand staat traditioneel bekend als Mariamaand. Net zoals de natuur in mei volop tot bloei komt, symboliseert Maria in het christendom het nieuwe leven doordat zij Jezus ter wereld bracht. Voor Jef Vanbussel vormde dat de inspiratie voor een nieuwe reeks bijdragen, die vandaag te lezen zijn op Internetgazet Bocholt, Hechtel-Eksel, Hamont-Achel, Leopoldsburg en Bree:
Hoe was het om kort na de Groote Oorlog naar Eksel te sporen en op het
Hoksent de kapel te bezoeken? In een van zijn teksten geeft
Hendrik van de Weerd daar een impressie van. Van 1910 tot 1927 was hij
kapelaan in Eksel. Hij hield zich intensief met heemkunde bezig.
“Als je van Hasselt naar Eindhoven (…) (tot Eksel) spoort, zie je overal bossen en eindeloze heidevlaktes. (…), her en der een eenzame hut of wat boerderijen met strooien daken en witte lemen muren. Statige kerktorens in de verte doen daar meer leven en welstand vermoeden dan langs de spoorweg. (…)
Ettelijke honderden meters van de halte in Eksel staat onder linden een eenzame kapel, in de directe omgeving daarvan een kleine boerenwinning met aanpalende werkmanshut (…). De kapel ligt goed georiënteerd. Haar voorportaal komt uit op een antieke, met ijzer beslagen deur.”
Als die deur geopend is, stapt Van de Weerd de kapel binnen. Dat gebeurt met een afstapje. Aansluitend beschrijft hij het interieur. Volgens de kapelaan is het allemaal weinig verzorgd. Enkel van de houten beeldjes van de H. Maagd en van de H. Johannes, beide afkomstig uit een calvarie, zegt hij dat ze waardevol zijn. Alle andere beelden, ook dat van de piëta of de Moeder van Smarten, vindt hij primitief ogen. Grote kunstwaarde hebben ze volgens hem niet.
En toch! In 1979 denken een of meerdere snoodaards daar blijkbaar anders over. Het beeld wordt de moeite van het stelen waard bevonden. Er wordt een ladder tegen de zuidgevel gezet. Een brandglasraam sneuvelt en de piëta wisselt van eigenaar. Tot op vandaag is ze spoorloos verdwenen. Een pv werd nooit opgemaakt. Sindsdien moet de bezoeker het stellen met een foto op de plek waar ooit het origineel stond.
Wat die nacht aan financiële waarde meegenomen werd? Dat blijft een vraagteken. Het houten beeld van 70 centimeter stamde uit circa 1530. De anonieme maker gaf het enkele bijzondere kenmerken mee. Eén daarvan is de relatief kleine gestalte van de Christusfiguur. Dat is typisch voor piëta’s van drie eeuwen eerder, uit het begin van de 12de eeuw. Een tweede bijzonderheid: emoties zijn nauwelijks van Maria’s gezicht af te lezen. Ze kijkt met een vlakke gelaatsuitdrukking voor zich uit.
Ooit was het beeld ook gepolychromeerd, maar die kleurlaag werd later verwijderd. Door wie en wanneer is niet bekend. En ziet u die bijna kaarsrechte linkerarm van Jezus? Dat is een nogal knullige retouche van de oorspronkelijke arm, die ooit beschadigd raakte.
Jef Vanbussel
Met dank aan de Heemkundige Kring Hechtel-Eksel voor de info en de foto’s.
Foto boven de tekst: de Hoksentkapel omstreeks 1900.
Eerste foto onder de tekst: het oorspronkelijke houten beeld in de nis boven het altaar.
Tweede foto: sinds 1979 vervangt een foto in de Hoksentkapel het gestolen piëtabeeld.
Derde foto: het piëtabeeld van circa 1530.
Vierde foto: de kapel anno 2014.
Vijfde foto: de met smeedwerk beveiligde deur tussen voorportaal en kapel. Let op het afstapje. In oude kerken had dat een symbolische waarde: het herinnerde de gelovige aan zijn nederigheid tegenover God.