Ook de tweede mondelinge vraag op de gemeenteraad van Lommel kwam van raadslid
Rina Alen (N-VA), en handelde over
de toekomst van het Parelstrand. Aanleiding was de recente beslissing van minister Van Bossuyt om het huurcontract tussen Fedasil en de Oostappen Groep opnieuw met
vijf jaar te verlengen, tot juni 2030.
Raadslid Rina Alen benadrukte dat Lommel al sinds 2016 asielzoekers opvangt op het Parelstrand, telkens onder het label van een tijdelijke oplossing die steeds opnieuw werd verlengd. “Wij weten ook dat in de voorafgaande periodes alles boven het hoofd van de stad werd beslist,” stelde ze, “maar deze keer was het anders.
Deze keer zat ook de stad mee aan de onderhandelingstafel.” Volgens Alen maakt dat een wezenlijk verschil.
De stad is vandaag immers bevoegd voor het afleveren van een omgevingsvergunning, en net daarom had zij meer transparantie verwacht. Ze verwees daarbij ook naar uitspraken in het Stadsmagazine waarin wordt gesteld dat de inwoners van Lommel de eerste raadgevers zijn van het stadsbestuur. “In dit dossier zijn zowel de inwoners als de gemeenteraad volledig buiten beeld gebleven,” klonk het.
Ze vroeg dan ook expliciet welke voorwaarden de stad tijdens die onderhandelingen naar voren heeft geschoven, welke rode lijnen daarbij werden getrokken, of er intussen een omgevingsvergunning werd aangevraagd voor de verdere uitbating van het opvangcentrum, en onder welke voorwaarden het stadsbestuur vandaag bereid zou zijn die vergunning toe te staan.
Daarnaast vroeg ze of juni 2030 voor het stadsbestuur effectief de absolute einddatum is, zonder verdere mogelijkheid tot verlenging.
“De inwoners van Lommel hebben recht op transparantie en perspectief,” besloot ze.
Burgemeester Bob Nijs: “Wij zaten niet mee aan de onderhandelingstafel”
De burgemeester reageerde scherp op de veronderstelling dat de stad mee onderhandelde over een verlenging zonder bijkomende voorwaarden. Volgens hem is dat niet correct.
Rina Alen stelde in de aanhef van haar vraag dat ze begrip kon opbrengen voor de beslissing van minister Van Bossuyt om vijf jaar te verlengen, burgemeester Bob Nijs kon dat niet.
Hij benadrukte dat Lommel al jaren geconfronteerd wordt met een onvergunde situatie, aangezien het recreatiegebied een andere bestemming kreeg zonder de vereiste vergunning. “Die vergunning had drie jaar geleden al aangevraagd moeten worden,” klonk het.
Volgens de burgemeester is het Parelstrand vandaag niet ingevuld als toeristisch recreatiegebied, terwijl het net enorme toekomstkansen biedt voor Lommel.
Omdat onderhandelingen bleven aanslepen, stelde de stad in september een proces-verbaal op. Dat dossier werd overgemaakt aan het parket.
Handhaving als enige piste
De burgemeester wees erop dat er ondertussen al verhoren zijn geweest en dat het parket ook kijkt naar mogelijke onrechtmatige vermogensvoordelen. Indien die worden vastgesteld, kunnen inkomsten met terugwerkende kracht worden teruggevorderd.
Formeel was hij duidelijk:
- de stad zal geen vergunning afleveren om de bestemming te wijzigen naar een asielcentrum;
- Lommel was niet betrokken bij de beslissing tot verlenging van het huurcontract;
- en als er geen andere oplossing komt, zal de stad keihard handhaven.
“Voor alle duidelijkheid: ik wil niet per se van Fedasil af, maar wel van een uitbater die een onvergunde situatie misbruikt voor geldgewin en een park met grote toekomstmogelijkheden verwaarloost,” aldus de burgemeester.
Vertrouwelijkheid en onzekerheid
Op bijkomende vragen over vermeende vertrouwelijke afspraken wou de burgemeester niet verder ingaan. Hij gaf aan dat sommige pistes bewust vertrouwelijk worden bewandeld om juridisch geen fouten te maken.
Volgens hem zijn er vandaag twee scenario’s:
- ofwel komt er een oplossing via onderhandelingen, die later volledig transparant zal worden toegelicht
- ofwel blijft enkel de handhavingsweg over.
“Vandaag is die laatste piste de enige die loopt,” besloot hij.
Rina Alen sloot af met de hoop dat Lommel tegen 2030 nog voldoende ruimte en mogelijkheden zal hebben om op het Parelstrand een toekomstgericht project te realiseren.
Marc Faes