Nu de volgorde van de openbare zittingen werd omgewisseld – voortaan start men met de Raad voor Maatschappelijk Welzijn en volgt daarna pas de gemeenteraad – kregen enkele dossiers ook wat meer ruimte voor toelichting. Loucka Vreys sprak in haar hoedanigheid van schepen van digitalisering, terwijl Katrien Cools dat deed als schepen van sociaal beleid en als voorzitter van het bijzonder comité sociale dienst
Delegatie voor GDPR-protocollen
Schepen Loucka Vreys lichtte een voorstel toe rond de verwerking van persoonsgegevens. De stad en het OCMW worden immers steeds vaker geconfronteerd met situaties waarbij protocollen moeten worden afgesloten of machtigingen verleend in het kader van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG/GDPR).
Om de doorlooptijd van dergelijke dossiers te verkorten en de werking van de stadsdiensten efficiënter te maken, wordt gevraagd om de bevoegdheid tot het afsluiten van die protocollen te delegeren aan het college van burgemeester en schepenen. Dat gebeurt telkens op basis van advies van de functionaris voor gegevensbescherming (DPO).
Alle afgesloten protocollen en verleende machtigingen blijven transparant: ze worden opgenomen in de notulen van het college en – zoals wettelijk voorzien – gepubliceerd op de stedelijke website.
Vanuit de oppositie kwam één principiële bedenking. Raadslid Kris Verduyckt (Samen Vooruit) liet weten dat zijn fractie zich bij dit punt – net als later op de gemeenteraad –zou onthouden. Niet zozeer omwille van de inhoud, maar omdat men vindt dat de gemeenteraad de voorbije jaren al vaker bevoegdheden heeft gedelegeerd gekregen, waardoor die volgens hen wat “uitgekleed” werd. Het punt werd vervolgens ter stemming voorgelegd.
Nieuw reglement voor innovatieve welzijnsprojecten
Daarna nam schepen Katrien Cools het woord voor de toelichting van een nieuw subsidiereglement.
Dat reglement wil innovatieve welzijnsprojecten stimuleren: initiatieven die inspelen op maatschappelijke noden en bijdragen aan een versterking van het lokale welzijnsbeleid. Tot nu toe gebeurde ondersteuning vaak ad hoc, zonder structureel en transparant kader. Met dit reglement wil de stad daar verandering in brengen.
Het nieuwe kader treedt in werking op 1 januari 2026 en loopt voorlopig tot 31 december 2028. Bij een positieve evaluatie kan het nadien vernieuwd worden. Het vervangt de eerdere nominatieve en ad-hocsubsidies.
Op vraag van de oppositie verduidelijkte Cools hoe de beoordeling zal verlopen. In het reglement wordt verwezen naar een werkgroep, waarvan de samenstelling afhankelijk is van de aard van het project. Dat kunnen onder meer de sectormanager, de adviseur lokaal sociaal beleid of medewerkers van de sociale dienst zijn. Zij toetsen de aanvragen aan de criteria in het subsidiereglement.
Een project dat vorig jaar werd goedgekeurd, zou volgens Cools perfect binnen dit nieuwe kader gepast hebben – wat meteen ook een van de aanleidingen was om het systeem structureler en transparanter te organiseren.
Uniform kader voor welzijnsorganisaties
Tot slot stelde Cools nog een tweede subsidiereglement voor. Dat richt zich op welzijnsorganisaties die via hun dagelijkse werking bijdragen aan sociale samenhang, levenskwaliteit en ondersteuning van kwetsbare doelgroepen in Lommel.
Ook hier bestond de ondersteuning al, maar eerder versnipperd en zonder uniform kader. Het nieuwe reglement voorziet in een jaarlijkse basistoelage, die – binnen duidelijke criteria – kan worden aangevuld met bijkomende subsidies op basis van een puntensysteem.
Net als het vorige reglement zou ook dit ingaan op 1 januari 2026 en lopen tot eind 2028, met nadien een evaluatie en mogelijke bijsturing.
Met deze twee reglementen zet de stad naar eigen zeggen een stap richting meer transparantie, rechtszekerheid en gelijke behandeling binnen het welzijnsbeleid.