Van een naaimachine in Wijchmaal tot een zeilboot op de Middellandse Zee. Voor leerlingen van
BuSO Sint-Elisabeth kreeg een
schoolproject rond microplastics onlangs een bijzonder internationaal vervolg. Tijdens een Erasmusweek in het Spaanse Burriana onderzochten ze samen met jongeren uit verschillende Europese landen de vervuiling van de zee.
De leerlingen vertrokken niet met lege handen naar Spanje. In de opleiding Confectie hadden ze zelf netten gemaakt waarmee microplastics uit het water kunnen worden verzameld. Aan de Spaanse kust mochten ze die ook daadwerkelijk gebruiken.
Tijdens de Erasmus Maris Week werkten leerlingen en leerkrachten uit België, Duitsland, Italië, Luxemburg en Spanje samen. Ze leerden hoe wetenschappers waterstalen verzamelen en analyseren. De resultaten worden volgens eenzelfde protocol onderzocht, zodat gegevens uit verschillende Europese regio's met elkaar vergeleken kunnen worden.
Zelf de zee op
Het bleef niet bij theorie. De leerlingen gingen zeilen, kajakken en met motorboten de Middellandse Zee op. Tijdens een van die tochten werden hun zelfgemaakte netten uitgezet. Na twintig minuten werden ze weer binnengehaald en kon de inhoud in het labo worden onderzocht.
Naast het wetenschappelijke werk was er ook tijd voor avontuur. De jongeren voeren met een groot zeilschip de zee op en kregen onderweg zelfs dolfijnen te zien.
Ook de internationale contacten maakten indruk. De leerlingen werkten samen met jongeren van de Spaanse gastschool en deelnemers uit andere Europese landen. Ondanks de taalverschillen werden al snel nieuwe vriendschappen gesloten.
Zo kreeg een project dat begon in een klaslokaal in Wijchmaal een vervolg op de Middellandse Zee. De leerlingen keerden huiswaarts met meer kennis over microplastics, nieuwe vrienden én heel wat zeeverhalen. (Kenneth Emmers)