Bij een “
nimf” denk je al snel aan de Griekse nimfen: sierlijke halfgodinnen in bossen en bij bronnen. Een mooi beeld… maar hier klopt dat niet. In de entomologie (de wetenschappelijke studie van insecten) is een nimf gewoon
een jong, nog niet volgroeid insect. Minder magie, meer groeifase.
In dit geval gaat het om de jeugdversie van de grote groene sabelsprinkhaan (Tettigonia viridissima). De eitjes worden in september afgezet, overwinteren en in de lente komen de nimfen uit. Tegen eind juni zijn ze volwassen.
Kortom: geen bosgodin, maar een sprinkhaan in de puberteit — ook best indrukwekkend. (Guido Swusten)