Op de gemeenteraad van eind april werd slechts één mondelinge vraag gesteld. Raadslid
Sofie Monsieurs (Groen) kaartte daarbij het thema
co-housing aan, onder meer naar aanleiding van recente berichten over dak- en thuisloosheid bij jongvolwassenen in Noord-Limburg.
Monsieurs vroeg het gemeentebestuur hoe het tegenover co-housing staat en of die woonvorm een mogelijke oplossing kan bieden voor jongeren die moeilijk een betaalbare woning vinden. Ze wilde ook weten of de gemeente bereid is om co-housingprojecten actief te stimuleren of eventueel zelf op te starten.
Schepen Raf Drieskens antwoordde dat co-housing zeker bekeken wordt als één van de mogelijke instrumenten om betaalbaar wonen mee mogelijk te maken. Volgens hem bestaat er echter geen “zaligmakende oplossing” en zullen verschillende woonvormen nodig zijn om de druk op de woonmarkt aan te pakken.
Drieskens verwees daarbij naar het geplande woonactieplan van de gemeente, waarvoor het lastenboek eind maart werd goedgekeurd. Dat actieplan moet concrete maatregelen bevatten voor alle “tredes van de woonladder”, gaande van dak- en thuislozen tot andere doelgroepen op zoek naar betaalbaar wonen.
Of co-housing uiteindelijk een belangrijke plaats krijgt in dat plan, wil het gemeentebestuur voorlopig nog openlaten. “Dat zou vandaag de kar voor het paard spannen”, stelde de schepen. Wel benadrukte hij dat de problematiek van betaalbaar wonen en dak- en thuisloosheid nadrukkelijk meegenomen wordt in het toekomstige woonactieplan, dat tegen het einde van het jaar klaar moet zijn.