In
1952 trok voor het eerst een echte karnavalstoet door Neerpelt. Daarmee schaarde het dorp zich naast grotere Limburgse steden als Hasselt, Tongeren, Maaseik, Sint-Truiden en Borgloon, waar carnaval al langer een vaste traditie was. Ook in het noorden van de provincie kwam er voortaan een kleurrijke optocht: De
Ridders van de Kwakvors waren geboren.
Die vereniging groeide uit een groep sympathisanten die voortkwam uit de Heeren van de Heerstraat. Wat begon als een enthousiast initiatief, hield maar liefst veertig jaar stand. Tot het in 1992 plots stil werd en de stoet verdween uit het straatbeeld.
Toch betekende dat geen definitief einde van het Neerpelts carnaval. In 1996 namen de Gezellen van Taxandria het voortouw met een nieuw concept: de lichtstoet. Die bleek meteen een schot in de roos. Wat startte als een frisse herneming, groeide uit tot een vaste waarde die vandaag al aan zijn 31ste jaargang toe is.
Dat er vóór 1952 geen carnaval werd gevierd, is een misvatting. Historische beelden tonen dat de feesttraditie veel ouder is. Zo bestaan er foto’s uit 1922 van een kinderkarnaval in de Kanaalstraat, en uit 1928 van de zogenoemde ‘sjoelbakken’. Daarnaast zijn er ook krantenknipsels uit 1952, die het officiële begin van de stoet documenteren, en uit 1996, het jaar van de allereerste lichtstoet.
Samen vertellen die beelden en herinneringen het verhaal van een carnaval dat in Neerpelt al meer dan een eeuw leeft, zich telkens opnieuw uitvindt en vandaag nog steeds duizenden mensen samenbrengt langs verlichte straten. (Paul Cuyvers)