De gemeenteraad van Pelt boog zich over een
aanpassing van het huishoudelijk reglement van de buitenschoolse kinderopvang. Die wijziging is nodig in het kader van het nieuwe Vlaamse BOA-decreet (Buitenschoolse Opvang en Activiteiten), dat vanaf 1 september 2026 volledig van kracht wordt en de regierol bij de lokale besturen legt.
Volgens schepen Katrien Kenis blijft de basisvisie ongewijzigd: de opvang moet toegankelijk blijven voor alle kinderen binnen de grenzen van wat organisatorisch haalbaar is, en georganiseerd worden op een gezins- en kindvriendelijke manier.
Tegelijk wil men efficiënter werken, onder meer door openingsuren af te stemmen op de gemiddelde bezettingsgraad, de maximumcapaciteit per locatie te herbekijken, het reservatie- en afmeldbeleid te verstrengen en de tarieven – die zes jaar ongewijzigd bleven – aan te passen en jaarlijks te indexeren.
Kritiek op prijsstijgingen en openingsuren
Vanuit de oppositie kwamen er bedenkingen. Waldo Theuwissen (Vlaams Belang) wees in de eerste plaats op de prijsverhogingen. Hij erkent dat kosten stijgen, maar vindt het jammer dat opnieuw werkende ouders de rekening gepresenteerd krijgen.
Daarnaast stelde hij vragen bij de aanpassing van de openingsuren. De opvanglocaties openen ’s morgens een kwartier later en sluiten ’s avonds een halfuur tot een uur vroeger, op basis van de gemiddelde bezettingsgraad. Theuwissen vroeg zich af hoeveel kinderen effectief aanwezig zijn tijdens die randmomenten, en waarschuwde dat net voor ouders die in die tijdspanne opvang nodig hebben, dit een groot verschil kan maken.
Ook de nieuwe afmeldingsregeling – voortaan 48 uur op voorhand in plaats van tot 22 uur de avond voordien – riep vragen op. Wat bij plotse ziekte? Moeten ouders dan betalen voor niet-gebruikte opvang? Tot slot uitte hij bezorgdheid over de collectieve infomomenten voor nieuwe instappers. Volgens zijn fractie moet een individueel intakegesprek de standaard blijven.
Vlaams Belang kondigde aan het reglement in deze vorm niet voluit te kunnen steunen.
Bezorgdheden over zomersluiting en tarieven
Ook Sofie Monsieurs (Groen) benadrukte het belang van betaalbare en haalbare buitenschoolse kinderopvang. Zij wees onder meer op de collectieve sluiting tijdens de zomervakantie, die volgens haar al aan ouders werd gecommuniceerd vóór de gemeenteraad zich over het reglement kon uitspreken. Voor gezinnen met een vaste vakantieplanning kan dit problemen opleveren.
Monsieurs kaartte ook de stevige tariefstijgingen aan: van 1 euro naar 1,5 euro per begonnen half uur, van 2 euro naar 3,5 euro voor een uur naschoolse opvang en hogere vakantietarieven. Daarnaast worden inschrijvings- en annulatieregels strenger: inschrijven moet tegen woensdag van de week voordien, en wie niet tijdig (48 uur vooraf) annuleert, betaalt de volledige dagprijs – tenzij men nog zogenaamde ‘jokers’ over heeft.
Groen stelde vragen over mogelijke alternatieven tijdens de zomersluiting, de impact op het personeelsbestand en of een meer geleidelijke tariefstijging mogelijk is.
Antwoord van de schepen
Schepen van kinderopvang Katrien Kenis (CD&V) verdedigde de aanpassingen. Zij benadrukte dat vandaag slechts 15 cent van elke euro die de opvang kost door ouders wordt betaald, terwijl de rest door de Peltse en Vlaamse belastingbetaler wordt gedragen. In 2027 stijgt dat aandeel naar 24 cent per euro. Volgens de schepen gaat het om een beperkte stijging na jaren zonder aanpassing en geldt het principe dat de gebruiker een deel van de kost draagt.
De aangepaste openingsuren zijn volgens haar gebaseerd op concrete cijfers, om efficiënter te kunnen plannen.
Wat de afmeldingen betreft, werkt men niet met doktersattesten. Ouders krijgen jaarlijks twaalf ‘jokers’ die kunnen ingezet worden bij laattijdige annulaties.
De collectieve sluiting beperkt zich tot drie dagen. Er worden zomerkampen voorzien, al kunnen die bij onvoldoende inschrijvingen worden geannuleerd. De strengere annulatieregels zijn volgens de schepen ingevoerd na situaties waarbij op één dag 38 afmeldingen werden genoteerd verspreid over negen locaties.
Wat het personeel betreft, telt de dienst momenteel 8,8 voltijdse equivalenten. Vier kinderbegeleiders die vertrekken, zullen niet vervangen worden; de overige medewerkers worden in een roulatiesysteem ingezet.
De schepen gaf aan dat de nieuwe regeling geëvalueerd zal worden.
De gemeenterraad keurde de aanpassing van het reglement goed.
Marc Faes