In 2025 lag het gemiddeld aantal uren beroepsarbeid of werkuren van de werkende bevolking van 20 tot 64 jaar in het Vlaamse Gewest op 37 uur per week. Hierbij wordt alleen rekening gehouden met de hoofdactiviteit van de werkenden, niet met eventuele nevenactiviteiten. Het gaat om het op één na laagste aantal werkuren per week in de periode 1999-2025.
Het aantal werkuren van werkende mannen bedroeg in 2025 gemiddeld 39,9 uur per week. Bij werkende vrouwen lag het gemiddeld aantal werkuren op 33,6 uur per week. Het verschil tussen mannen en vrouwen bedroeg daarmee 6,3 uur.
Het aantal werkuren lag vorig jaar bij 20- tot 34-jarigen gemiddeld op 36,1 uur per week en bij 35- tot 54-jarigen op 37,9 uur. De 55-plussers werkten gemiddeld 35,6 uur per week.
Het aantal gewerkte uren stijgt naarmate het onderwijsniveau toeneemt. In 2025 bedroeg het aantal gewerkte uren bij hooggeschoolde werkenden gemiddeld 37,7 uur per week, bij middengeschoolden was dat 37,1 uur en bij kortgeschoolden 35,4 uur.
Zelfstandigen werkten in 2025 gemiddeld 45,7 uur per week, terwijl werknemers gemiddeld 35,4 uur per week actief waren.