Op 1 januari 2026 is 20,7% van de Belgische bevolking, of 1 op de 5 inwoners, 65 jaar of ouder. Dat is het gevolg van een decennialange geleidelijke vergrijzing. Volgens de meest recente cijfers van Statbel, het Belgische statistiekbureau, zet deze ontwikkeling zich door. Er zijn ook steeds meer ouderen, die ouder worden. Enkel het Brussels Hoofdstedelijk Gewest ontsnapt aan deze trend.
In dertig jaar tijd is het aandeel van 65-plussers in de Belgische bevolking aanzienlijk gestegen: in 1996 bedroeg dit 16 % en in 2026 20,7 %, wat neerkomt op een stijging van 4,7 procentpunten.
Deze ontwikkeling is te verklaren door de geleidelijke vergrijzing van de naoorlogse babyboomgeneratie, in combinatie met de stijgende levensverwachting en een dalend vruchtbaarheidscijfer, twee structurele trends die met name kenmerkend zijn voor de landen van de Europese Unie.
Verder worden ook de ouderen zelf ouder. In 1996 was 3,8% van de Belgische bevolking 80 jaar of ouder, in 2026 bedroeg dit aandeel 5,7%. Meer dan een vierde van de 65-plussers (27,5%) is momenteel tachtiger of ouder.