Naar aanleiding van
Werelddag Alzheimer werd deze namiddag in woonzorgcentrum
Immaculata en dienstencentrum
Pelle Melle nog eens extra aandacht gevraagd voor dementie. Schepen van ouderen en zorg
Els Kuppens en
Veerle Janssen, ergotherapeut en referentiepersoon dementie in WZC Immaculata, legden er uit waarom Pelt met de campagne ‘
Den Tied van Toen’ niet alleen wil informeren, maar ook het taboe rond dementie verder wil doorbreken.
De campagne loopt nog tot 25 september en brengt heel wat bestaande initiatieven in Pelt samen. Volgens Kuppens is dat nodig, omdat mensen vaak pas informatie beginnen te zoeken wanneer ze zelf of in hun onmiddellijke omgeving met dementie geconfronteerd worden.
“Niet alleen de persoon zelf wordt geraakt, maar ook de hele omgeving: familie, vrienden, buren en mantelzorgers”, aldus Kuppens. Net daarom wil Pelt mensen sneller de weg wijzen naar onder meer het Infopunt Dementie, praatcafés, dementievriendelijke activiteiten en de geheugenkliniek van Noorderhart.
Herinneringen blijven
Een belangrijk begrip binnen ‘Den Tied van Toen’ is ‘reminiscentie’: het bewust oproepen van herinneringen aan vroeger. Oude foto's, muziek, gebruiksvoorwerpen en verhalen kunnen bij mensen met dementie herkenning oproepen en rust brengen.
Dat is in Immaculata ook heel concreet merkbaar, vertelt Veerle Janssen. In de gangen hangen al enkele weken oude foto's. “We merken dat er daardoor veel meer wordt samengekomen. Mensen beginnen opnieuw met elkaar te praten. Ze discussiëren over waar iets was of wie er op een foto staat. Ze komen opnieuw op verhaal.”
Volgens Janssen toont dat vooral wat mensen met dementie nog wel kunnen. “Het zijn volwassen mensen die nog heel veel te vertellen hebben. Ze vergeten misschien wat er vandaag gebeurt, maar als we naar oude foto's kijken, merken we welke mooie rugzak ze nog altijd met zich meedragen.”
Ook Kuppens benadrukt dat het belangrijk is niet voortdurend te focussen op wat iemand niet meer kan. Door terug te grijpen naar herkenbare muziek, plaatsen en gebeurtenissen uit het verleden kan iemand opnieuw erkenning krijgen en zich gezien voelen.
‘Had ik dat maar eerder geweten’
Het Infopunt Dementie in Immaculata ontstond precies vanuit die behoefte aan vroegere ondersteuning. Janssen zag jaren geleden dat families vaak pas begeleiding kregen wanneer iemand naar de dagopvang kwam of naar een woonzorgcentrum verhuisde.
“Heel veel mensen zeiden toen: had ik dat maar eerder geweten. Had ik maar eerder dat luisterend oor gehad.”
Daarom werd in 2015 het Infopunt Dementie opgericht. Intussen kunnen niet alleen bewoners en hun familie er terecht, maar iedereen die vragen heeft over dementie: mensen met een diagnose, partners, kinderen, kleinkinderen en buren, maar bijvoorbeeld ook leerlingen die informatie zoeken.
Veel vragen zijn volgens Janssen heel praktisch: wat staat ons te wachten, hoe ga ik hiermee om en waar kan ik hulp krijgen? Het Infopunt biedt informatie en een luisterend oor en kan mensen doorverwijzen naar de juiste hulpverlening.
Nog altijd schaamte
Hoewel dementie vandaag veel vaker bespreekbaar is, blijft er volgens Kuppens en Janssen nog altijd een taboe bestaan. Zeker in een vroege fase proberen mensen problemen soms lange tijd te verbergen of te compenseren.
Dat speelt nog sterker bij jongdementie, waarbij de diagnose vóór de leeftijd van 65 jaar wordt gesteld. Mensen zijn dan vaak nog beroepsactief. Problemen met administratie, computers, taal of gedrag worden daardoor aanvankelijk soms aan iets anders toegeschreven.
Ook de diagnose zelf kan moeilijk te aanvaarden zijn. Wie merkt dat dagelijkse handelingen plots niet meer lukken, wordt daar telkens opnieuw mee geconfronteerd. Naar de winkel gaan, betalen of zelfs producten terugvinden wanneer een winkel zijn inrichting verandert, kan plots bijzonder moeilijk worden.
Kuppens gaf het voorbeeld van iemand met jongdementie die zelfstandig naar een plaatselijke winkel blijft gaan. De kassierster weet wat er aan de hand is, vraagt naar zijn boodschappenlijstje en helpt waar nodig. “Dat is het mooie aan elkaar helpen. Zo kan iemand zijn zelfstandigheid blijven behouden. Maar daarvoor hebben we elkaar nodig en moeten we weten wat dementie betekent.”
Ook zwaar voor mantelzorgers
De ondersteuning richt zich daarom nadrukkelijk niet alleen op mensen met dementie zelf. Voor partners en andere mantelzorgers kan de zorg bijzonder zwaar worden.
“Zij leven daar dag in, dag uit mee, 24 uur op 24 en zeven dagen op zeven, zonder dat ze daar ooit een opleiding voor hebben gekregen”, zegt Janssen. Vooral wanneer iemand 's nachts gaat dwalen, het dag- en nachtritme omkeert of moeilijk verstaanbaar gedrag vertoont, kan de belasting groot worden.
Met informatie, lotgenotencontact en begeleiding wil het Infopunt Dementie ervoor zorgen dat mantelzorgers de zorg langer kunnen volhouden en dat mensen met dementie zo lang mogelijk kwaliteitsvol thuis kunnen blijven wonen.
De boodschap van deze Werelddag Alzheimer is dan ook duidelijk: wacht niet tot de zorg te zwaar wordt om informatie of hulp te zoeken. En vooral: achter dementie blijft altijd een mens zitten, met herinneringen, verhalen en mogelijkheden.