14 februari is elk jaar opnieuw de dag waarop de romantisch verliefde koppeltjes elkaar extra in de watten leggen. Jammer genoeg moet ik iedereen teleurstellen en heeft de Valentijnstraat niets te maken met deze hoogmis der liefde. De Valentijn was een ‘afspanning’ langs een postweg die vanuit Brussel in onze contreien passeerde. In een volgend artikel zal ik dieper ingaan op die postweg en diens geschiedenis. Maar wat was nu precies een ‘afspanning’? Dat was doorgaans een boerderij met een herberg. Reizigers en hun paarden konden er rusten, iets drinken en eten en meestal ook overnachten.
De paarden werden er ‘afgespannen’, met andere woorden ze werden een
tijdje los gemaakt van hun kar of wagen. En zo was er dus eentje in de
buurt van de Stalse Molen, ongeveer waar zich nu de Valentijnstraat
bevindt.
De afspanning droeg de naam Valentijn, genoemd naar een vroegere eigenaar met de familienaam ‘Valentijns’. Deze afspanning was al gekend bij het begin van de 16de eeuw want bepaalde bronnen spreken bijvoorbeeld van een zekere Peter Valentijns in 1510. En afspanning De Valentijn vinden we in bronnen die dateren van rond 1525.
Maar de bekendste man met de naam Valentijns, een telg uit de familie die de Valentijn uitbaatte, was Mathias Valentijns.
Hij werd geboren in Koersel, maar het jaar is niet exact gekend. Hij trad in, in de abdij van Averbode in het jaar 1574 en daaruit kunnen we afleiden dat hij rond 1550 het levenslicht gezien moet hebben.
In 1588 werd hij pastoor in Brustem en in 1591 keerde hij terug en werd hij abt in de abdij van Averbode, en dit tot het jaar 1635.
Het was een woelige periode: de abdij was in een vorige periode verwoest en hij zorgde ervoor dat het gebouw weer bewoonbaar werd. Daarenboven herstelde hij de kloosterdiscipline in de geest van het Concilie van Trente (1545-1563).
Kortom, hij speelde een dermate belangrijke rol in de geschiedenis van de abdij dat hij wel eens 'de tweede stichter van de abdij van Averbode' genoemd wordt.
Hij werd begraven in de oude abdijkerk en op het einde van de 17de eeuw overgebracht naar de crypte onder het hoofdaltaar in de nieuwe abdijkerk.
Hij is de eerste abt van Averbode waarvan een portret bewaard bleef. Het portret wordt afgebeeld op de website van de abdij en hangt in de kloostergang van de abdij.
Jammer genoeg zijn noch de crypte, noch het schilderij vrij te bezoeken. Wil je die toch even gaan bekijken, dan kan je vooraf een afspraak maken via de website van de abdij. (Danny Boelanders)
Met dank aan Luc Savelkoul van Paalonline en Herman Janssens, archivaris van de abdij van Averbode, voor het delen van hun kennis. Een extra bron was het boek ‘Koersel, van Neusenberg tot Spiekelspade’ van de heren Vic Mennen, Willy Vanlook en Joël Burny.