De stad Lommel gaat een
nieuwe vrachtwagen op diesel aankopen voor het team Stadswerken. Het voertuig vervangt een vrachtwagen uit 2008 en zal onder meer worden ingezet voor het vervoer van materialen bij evenementen en festiviteiten. De aankoop leidde tijdens de gemeenteraad tot een
stevige discussie over de keuze voor diesel in plaats van elektrisch. Uiteindelijk werd het dossier goedgekeurd met 17 stemmen voor en 11 tegen.
Schepen Medard Verstraeten verdedigde de keuze voor een dieselvrachtwagen. Volgens hem is een elektrisch alternatief momenteel veel te duur en onvoldoende praktisch inzetbaar.
De nieuwe dieselvrachtwagen kost ongeveer 249.000 euro, terwijl een vergelijkbare elektrische uitvoering volgens de schepen op zo'n 700.000 euro zou uitkomen. Daarbovenop zou nog een investering in laadinfrastructuur nodig zijn, mogelijk goed voor 100.000 euro.
"Voor de prijs van één elektrische vrachtwagen kunnen we er drie op diesel kopen", stelde Verstraeten. Hij wees ook op de lange laadtijden en de beperkte beschikbaarheid van geschikte laadinfrastructuur.
Oppositie pleit voor voorbeeldfunctie
Rina Ven betreurde dat de stad niet voor een duurzamer alternatief kiest. "We spreken over een vrachtwagen die twintig tot vijfentwintig jaar zal meegaan. Als stad hebben we toch een voorbeeldfunctie", argumenteerde ze. Volgens haar moeten ook de lagere onderhouds- en energiekosten over de volledige levensduur worden meegerekend.
Kris Verduyckt verwees naar de stad Genk, die al een elektrische vrachtwagen aankocht. Hij trok vooral de genoemde aankoopprijs van 700.000 euro in twijfel.
Later tijdens de gemeenteraad kwam Verduyckt op het dossier terug. Hij had intussen opgezocht dat Genk voor zijn elektrische vrachtwagen 180.000 euro inclusief btw had betaald. Volgens hem stond dat bedrag wel erg ver af van de 700.000 euro die in Lommel werd genoemd.
Verstraeten reageerde dat het om twee verschillende voertuigen gaat. De vrachtwagen voor Lommel moet onder meer uitgerust worden met kranen, waardoor de kostprijs aanzienlijk hoger ligt.
Ook schepen Joris Mertens mengde zich in het debat. Hij verdedigde de schepen en benadrukte dat de genoemde bedragen gebaseerd waren op onderzoek van stadsmedewerkers die dagelijks met dergelijke aankopen bezig zijn.
'Gemeenteraad mocht niet meedenken'
Rina Ven had nog een tweede bezwaar. Volgens haar was de keuze eigenlijk al gemaakt voordat de gemeenteraad zich over het dossier kon uitspreken.
Ze wees erop dat de offertes al in augustus en begin september waren aangevraagd of opgesteld, terwijl de raamovereenkomst pas in september op de gemeenteraad werd besproken.
"Dan zitten we met een dossier dat eigenlijk al volledig beslist is voordat gemeenteraadsleden hun stem hebben kunnen laten horen", stelde Ven. Ze vond het jammer dat de raad niet eerder betrokken werd bij een investering die de komende decennia bepalend zal zijn.
Verstraeten bleef bij zijn standpunt. Hij erkende dat elektrische vrachtwagens in de toekomst wellicht betaalbaarder en praktischer worden, maar noemde de aankoop ervan op dit moment financieel niet verantwoord.
Bij de stemming kreeg de aankoop uiteindelijk groen licht: 17 gemeenteraadsleden stemden voor, 11 tegen.