In het hartje van Lommel spraken we met Mille Vermeulen. Niet alleen over haar gloednieuwe dichtbundel Nachtletters, die gisteren officieel verscheen, maar ook over de weg die haar ernaartoe bracht. Een weg die allesbehalve uitgestippeld was. “Het is vandaag écht uitgekomen,” glimlachte ze. “Dat maakt de dag wel heel bijzonder, speciaal genoeg om er een dagje verlof voor te nemen.” En gelukkig ook speciaal genoeg voor een gesprek met Internetgazet.
Van babysitverhaal tot eerste boek
Haar eerste boek, De Weg van Mato (2015), ontstond op een plek waar je het misschien niet meteen verwacht: tijdens een babysitavond.
Het kindje waarvoor ze zorgde, had een boekje over indiaantjes. “Maar dat sprak me niet echt aan,” vertelt Mille. “Er zaten geen tekeningen in. Ik zei: als jij gaat slapen, schrijf ik een indianenverhaal voor jou, dan kan je het morgen lezen.”
Ze had het verhaal op een eenvoudig blaadje geschreven en er zelf tekeningen bij gemaakt. “Ik heb er toen foto’s van genomen, gewoon omdat ik dacht: dat is eigenlijk wel leuk. Misschien kan ik dat nog gebruiken.”
Thuis begon het idee te groeien. Niet vanuit een kinderdroom om auteur te worden — integendeel. “Ik had er nooit bij stilgestaan dat ik een boek zou schrijven. Ik was vooral bezig met studeren.” Maar haar mama en oma moedigden haar aan om het verder uit te werken.
Ze tekende zelf illustraties en ging op zoek naar een uitgever. Die vond ze. “En toen kreeg ik de smaak te pakken.” Zo volgde dan in 2017 “Zonder Zinny”, wederom een kinderboek.
Poëzie vond haar
Tijdens haar studies Rechtspraktijk kwam poëzie opnieuw onverwacht op haar pad. Er was een poëziewedstrijd, en Mille en een vriendin wilden graag naar het bijhorende poëziediner.
“Je kreeg daar een bundel met alle geselecteerde gedichten,” vertelt ze. “En toen ik die in handen had, dacht ik: wauw… dit wil ik ook kunnen.”
De eerste keer deed ze mee zonder prijs. Maar het liet haar niet los. Een jaar later waagde ze opnieuw haar kans — en kreeg ze een eervolle vermelding.
“Toen ben ik echt gepassioneerd geraakt. Het was nooit het plan om poëzie te schrijven. Maar plots voelde ik: dit klopt.”
Met Allemaal Bloemen (2018) en Maanlicht (2019) groeide haar stem als dichteres. Wat haar werk typeert? Ontroeren. Verzachten. Even stilzetten.
“Je kunt mensen op een heel kort moment even uit het leven trekken,” zegt ze. “Dat vind ik zo mooi aan poëzie.”
Van piekeren naar ‘Laat je brein bloeien’
In 2023 verscheen Laat je brein bloeien, een non-fictieboek over piekeren en hoe je ermee omgaat. Het ontstond uit haar eigen zoektocht.
“Ik pieker veel. Ik ben me gaan verdiepen in hoe het brein werkt. Dat hielp mij. En toen dacht ik: misschien kan ik dat bundelen.”
Het boek werd nagelezen door een psychiater en een neurochirurg. Theorie wordt gecombineerd met creatieve oefeningen: piekergedachten als “pepers” die je leert blussen, mentale “zonnecrème” tegen schadelijke opmerkingen.
“Eerst was het voor mezelf een hulpmiddel. Maar als anderen er ook iets aan hebben, is dat prachtig.”
Nachtletters: poëzie uit de actualiteit
En nu is er Nachtletters. Haar derde dichtbundel, met 34 gedichten.
Haar eerste poëzieboeken raakten wat algemene thema’s, in Nachtletters laat Mille zich sterker raken door wat er in de wereld gebeurt. Aanslagen, herdenkingen, geweld… gebeurtenissen die blijven nazinderen.
“Ik ben heel emotioneel. Soms kan ik er niet van slapen. Dan schrijf ik een gedicht. Dat helpt mij. En als het anderen ook troost kan bieden, dan is dat mooi meegenomen.”
Waar sommigen hun boosheid uiten in scherpe woorden, kiest zij voor zachtheid.
“Ik maak dingen graag mooi of troostend.”
Van notariaat naar bibliotheek
Mille studeerde Rechtspraktijk en schreef haar bachelorproef over auteursrechten. Creativiteit was er altijd, maar zekerheid leek aanvankelijk de verstandige keuze.
Vandaag werkt ze al drie jaar in de bibliotheek van Lommel, waar ze onder meer de volwassen fictiecollectie beheert en rond e-inclusie werkt.
“Ik heb nog wekelijks een moment dat ik denk: wow, zie mij hier zitten. Dit is echt mijn plek.”
Toch blijft ze zich een trotse Peltse voelen. “Ik ben daar geboren en getogen.” Waarna ze er direct aan toevoegt: “Maar hier in Lommel voel ik me ook heel thuis.”
Met potlood in een schriftje
Haar gedichten ontstaan zelden achter een scherm. Soms op haar gsm, als ze ’s nachts wakker ligt. Maar het liefst in een schriftje, met potlood.
“Ik hou van dat geluid. Potlood op papier. En potlood voelt minder definitief dan pen. Je kunt nog schrappen, pijlen trekken… Dat is zo’n fijn proces.”
De illustraties in Nachtletters zijn opnieuw van haar hand.
Voor en door lezers
Twijfel kent ze ook. “Is het wel goed genoeg?” Maar het zijn de reacties van lezers die haar moed geven om verder te doen.
“Als mensen zeggen dat het hen raakt of troost, dan denk ik: oké, dan moet ik blijven schrijven.”
Nachtletters is verkrijgbaar via
Boekscout, bol.com en in de boekhandel. Wie het rechtstreeks bij haar koopt, kan rekenen op een persoonlijke boodschap.
En wat de toekomst brengt?
“Als het komt, komt het. Ik forceer niets.”
Marc Faes
Productinformatie ISBN
9789465285542
Uitgeverij
Boekscout
Verschijning
27-02-2026
Genre
Gedichten