Mijn goede vriend Marc, die ik gisteren, zoals steeds volkomen toevallig, trof in onze gemeenschappelijke stamkroeg, was net terug van een vijfdaags ‘Blitzbesuch’ aan Georgië. Georgië? Wat daar nu voor interessants te zien en te beleven is, hoor ik jullie vragen. Zegt de naam Josif Dzjoegasjvili je dan niks meer? Misschien ken je de naam wel waaronder hij bekend / berucht werd wel. Toen hij secretaris-generaal van de Communistische Partij van de Sovjet-Unie werd, kende en vreesde iedereen hem als Josef Stalin. (‘Stalen Zjef’ zouden we hem hier misschien genoemd hebben.)
Hij is geboren in Gori in Georgië. En de latere Minister van Buitenlandse Zaken van de Sovjet-Unie, Edoeard Sjevarnadze en voormalige President van Georgië? Herinner je je die dan nog? Georgië is een land van vriendelijke wijnboeren aan de Zwarte Zee. Het telt nauwelijks vier miljoen inwoners. Maar het is een republiek die zich trots onafhankelijk opstelt tegen de imposante Russische beer die van over de bergen dreigend toekijkt.
En zo zijn er nog wel een rits trotse, zelfbewuste landen. Ierland om er maar een te noemen. Vijfentwintig jaar geleden nog het economisch kneusje van Europa, nu een welvarende fiere republiek die meetelt in de EEG. Vijf en een half miljoen zelfbewuste Ieren wonen er die in de houding springen als ze de tonen van hun nationale hymne horen.
Even een les in begripsinhoud van woorden nu. Er is echt wel een groot verschil tussen ‘trots’ en ‘hoogmoed’. Hoogmoed is een gevoel van zelfoverschatting, eigendunk en neerkijken op anderen. Trots is wat iemand voelt las hij/zij iets bijzonders verwezenlijkt heeft. Trots belet juist het minachten van anderen. Trots is een terecht gevoel van eigenwaarde, hoogmoed is altijd onterecht.
Of wij, in Vlaanderen, ook ergens trots mogen zijn? O jawel hoor! Zijn jullie de Guldensporenslag soms vergeten? Te Kortrijk, in de beemden van de Groeningekouter hakte een zootje ongeregeld met zelf in elkaar geknutselde wapens, het roemruchte Franse ridderleger genadeloos in de pan. Akkoord, die overwinning was eerder het gevolg van de hautaine arrogantie van de Fransen dan van de tactische strategie van de mannen van Pieter de Coninck. En toegegeven, Franstalige Henegouwers vochten er aan de zijde van de Vlamingen. En ja, de Loners – dat waren Limburgers – waren ook onderweg om de Franse dikke nekken’ een lesje te leren, maar zij waren onderweg wat te lang in de talrijke kroegen blijven hangen om nog vrolijk deel te nemen aan het strijdgewoel. Maar dat speelt allemaal weinig rol. Uiteindelijk hebben WIJ toch maar gewonnen!
Het gebeurde in 1302, op 11 juli. En die datum vieren wij in Vlaanderen nog altijd als onze nationale feestdag. En ook wij mogen trots zijn. Ook de kleine zeven miljoen Vlamingen zijn redelijk welvarend. Wij hebben onze taal kunnen redden in het totaal verfranste België van de beginjaren van onze onafhankelijkheid. En onze economie draait, alles in acht genomen, relatief goed.
Op 10 juli a.s. vanaf 18.30 uur vieren wij, op initiatief van het Lommelse Davidsfonds, in het Huis van de Stad op het Hertog Janplein, onze Vlaamse feestdag. En de spreker voor die gelegenheid in Huub Broers, ja die Huub Broers, uit Voeren. Cedric Honings zorgt voor de muzikale opluistering. De toegang is gratis en iedereen is welkom. Mogen wij wel vragen om vooraf jullie aanwezigheid te melden via davidsfondslommel
![[!]](/img/slingeraap.gif)
gmail.com.
De blauwvoet zal vliegen!
Chel Driesen