In onze reeks over de Beringse straatnamen houdt Danny Boelanders vandaag halt in de Kleinheidelaan. Rond 1900 en eerder had je in onze contreien de ‘Grote Heide’, die zich ruwweg uitstrekte van Koersel Kapelleke in het zuidwesten tot Hechtel in het oosten en Kerkhoven in het noorden.
Maar als er sprake was van een ‘Grote Heide’, was er in de buurt mogelijk ook een ‘Kleine Heide’ te vinden. En ja, in de westelijke punt van Onder-Stal, had je de ‘Kleine Heide’, een gebied waar rond 1900 een handvol boerderijtjes stond: in de toen nog zanderige Stationstraat, in de buurt van de latere (huidige) ingang van het voetbalstadion van KFC Beringen en daarachter, in de huidige Tennis- en Kegelstraat.
En zo blijven we in de buurt van het huidige Theodardusplein, behandeld in mijn vorig artikel.
De inwoners van deze huisjes waren voor hun geloofsbeleving aangewezen op de parochies in de buurt. Meestal, waarschijnlijk zelfs bijna altijd, gingen ze naar Stal. Maar vanaf 1 mei 1923 werd de mis gelezen in een klaslokaal van de ‘oude cité’ in de Laan op Vurten. Wat later, in 1926, werd in diezelfde straat en in opdracht van de NV Mijnen van Beringen een scholencomplex uit de grond gestampt. Dit gebeurde volgens een ontwerp van Antoon Huybrighs. Deze man bouwde tussen 1909 en 1960 een langdurige carrière uit bij de Beringse steenkoolmijn. Hij ontwikkelde zich als autodidact van leerling in de tekenkamer tot landmeter, kantoorchef en architect.
Het complex dat gebouwd werd, bestond uit een meisjesafdeling, een jongensafdeling en een portierswoning De kleuters en meisjes werden vanaf 1927 onderwezen door zusters. In 1939 werd de kleuterschool bijgebouwd. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was er in de school een cinemazaal ingericht. De kelders van de school dienden als schuilplaats. Dat was nodig want zowel het complex als de cité werden op 12 mei 1944 gedeeltelijk vernield door een bombardement. Er vielen toen 84 doden in en rond de Zuidstraat in Beverlo.
Vanaf 1956 werden de jongens onderwezen door broeders.
Maar terug naar de geloofsbeleving.
In 1926, werd door het mijnbestuur een ruime kapel gebouwd tussen de jongens- en de meisjesschool, nog altijd langs de Laan op Vurten. Je ziet nog altijd sporen van de (dichtgemetste) toegangspoort, ongeveer tegenover het huis met nummer 50 in de Laan op Vurten.
Deze kapel werd op 30 augustus 1926 bij Koninklijk Besluit verheven tot hulpkerk van de cité’s. Op 15 december 1926 werd een geschilderde kruisweg in de kapel aangebracht. Deze kan je nog terugvinden in de kerk van Tervant. Het donkergrijze marmeren altaar uit die tijd, is nu het hoofdaltaar van de parochie Linkhout. Op 20 december 1926 werd de parochie ‘Kleine Heide’ opgericht door Monseigneur Rutten, toenmalig bisschop van Luik.
E.H. Jan Hoogenbergh, een Nederlander, tevens leraar in het college van Beringen, las er al regelmatig de mis en werd er op 2 februari 1927 de eerste pastoor.
Op 3 mei 1927 had de eerste officiële zitting plaats van de nieuwe Kerkfabriek. De voertaal van de directie en de bedienden van de mijn was in die tijd het Frans. De mijnwerkers zelf gebruikten vaak een vervlaamste Waalse terminologie. In de kapel werd in het Nederlands en, zoals het toen dus ook wel vaker gangbaar was in de omgeving van de koolmijn, in het Frans gepreekt.
E.H. Hombroux, een voormalig leraar wiskunde aan de Normaalschool van Mechelen-aan-de-Maas, werd in 1937 de tweede pastoor van de parochie.
Rond die tijd kende de parochie, mede door het succes van de mijn, ongeveer 4.000 inwoners. Bij de aanstelling van E.H. Hombroux tot pastoor, beloofde de toenmalige directeur van de koolmijn, de heer Marcel Brun, een nieuwe kerk te bouwen. En hij hield woord… Maar daarover meer in een volgend artikel.
Alleszins, mede daardoor kon de kapel in 1947 omgebouwd worden tot extra klaslokalen. De lokalen dienden voor beroepsonderwijs voor meisjes van 12 tot 17 jaar. Dat was de Vrije Vakhuishoudschool, later omgevormd tot het beroepsonderwijs Regina Mundi. Deze school genoot een goede naam. Er werden regelmatig tentoonstellingen en modeshows georganiseerd. In 1957 gingen ongeveer 1000 leerlingen naar school in de gehele scholengroep van Beringen-Mijn. Daarna liepen de aantallen terug. Begin jaren ‘70 werd gestart met buitengewoon secundair beroepsonderwijs, een school voor kinderen met leermoeilijkheden. Deze leerlingen verhuisden later naar de Mijnschoolstraat (VIBO Sint Barbara). De overige klassen verhuisden naar Beringen. In de jaren ‘90 kregen de gebouwen deels een herbestemming. Een gedeelte werd een kampplaats, beheerd door CJT De Kompel. Een tweede gedeelte werd het centrum voor Jeugd en Welzijn. Een derde gedeelte bleef een school: de lagere basisschool ‘De Horizon’. In 2021 verhuisde deze school en kwam er ruimte vrij voor de huidige uitbouw van de Regina Mundi campus. Nu vind je er organisaties zoals het Inloophuis, CVO Cursa, CVO LBC, Inzetje, De Speelboom, De Boomhut en CTJ De Kompel, Ligo, Het Huis van het Kind met Wiegwijs en de materialenbibliotheek van de stad Beringen.
Danny Boelanders, foto Gust Ischen.
Bronnen: Kiosk (het tijdschrift van heemkunde Beringen), Wikipedia, de Internetgazet en de website van Onroerend Erfgoed Vlaanderen.